Gertrude Stein (Allegheny [Pennsylvania] 3 februari 1874 – Parijs, 27 juli 1946) was een Amerikaans schrijfster, die vanaf 1903 met twee oudere broers in Parijs woonde.
Haar woning aan de Rue de Fleurus 27 (6e arr) groeide uit tot een artistiek-literaire salon. Haar gehele leven onderhield zij contacten met bekende avant-garde kunstenaars, zoals Pablo Picasso, Geroges Braque en Henri Matisse, waar zij werk van aankocht.
salon met werken van verschillende avant-garde kunstenaars uit de jaren ’20 en ’30
Zij was degene, die in de 20-er jaren de term “lost generation” (verloren generatie) uitvond voor een groep Amerikaanse schrijvers, die na de Eerste Wereldoorlog naar Parijs waren getrokken, zoals Ernest Hemingway, John Steinbeck en Ezra Pound.
Zij schreef diverse boeken, waarvan “De autobiografie van Alice B. Toklas” (1933) beroemd is geworden. Alice Babette Toklas (1877-1967) was de levenspartner van Gertude Stein. Het boek biedt een intieme blik op hun leven samen, hun vrienden en de artistieke scene van die tijd. Het beschrijft hun dagelijkse leven, de kunstenaars die ze ontmoetten, en de invloed van hun relatie op hun werk.
met portretten van Stein en Toklas
Gertrude Stein met haar portret door Picasso
Stein en Toklas traden op als gastvrouw in hun salon., zij woonden van 1903 tot 1938 op dit adres, dat ter herinnering een mooie gevelsteen draagt: 
Stein is 72 geworden en Toklas 90 jaar: ze zijn naast elkaar begraven op Père Lachaise:
waarbij de naam van Alice B. Toklas aan de achterzijde is gegraveerd: 
27, Rue de Fleurus (6e arr) M Saint-Placide
